Regels en voorwaarden kwijtschelding

U kunt alleen kwijtschelding krijgen als u aan bepaalde regels en voorwaarden voldoet. Kwijtschelding kunt u aanvragen als u een inkomen op bijstandsniveau of lager heeft.

Lees hieronder de regels en voorwaarden voor kwijtschelding.

In deze vijf gevallen heeft het geen zin om kwijtschelding aan te vragen

  1. Als u uw aanslag langer dan zes maanden geleden betaald heeft;
  2. Als u een bedrijf of zelfstandig een beroep uitoefent. Zoals zzp-ers, freelancers, vennoten van een v.o.f. en maten van een maatschap. Ook gastouders en kamerverhuur vallen hieronder:
    • U komt niet in aanmerking voor kwijtschelding bij waterschapsbelastingen;
    • U kunt wel in aanmerking voor kwijtschelding komen bij gemeentebelastingen;
  3. Als u een motorrijtuig, bezit dat meer dan € 2.269,00 waard is. Tenzij u kunt bewijzen dat deze om medische redenen onmisbaar is;
  4. Als u een eigen woning bezit waarvan de waarde hoger is dan de verschuldigde hypotheek;
  5. Als het totale saldo op al uw bankrekeningen samen boven een bepaald bedrag uitkomt. In de wetgeving staat precies hoe dit bedrag berekend wordt. Over het algemeen mag u per huishouden samen ongeveer het volgende bedrag op uw bankrekeningen mag hebben:
      Geboren na 1 januari 1935 Geboren voor 1 januari 1935 Een persoon geboren voor 1 januari 1935 en een daarna
    Alleenstaand € 1.675,- € 3.950,-  
    Alleenstaand ouder € 2.050,- € 4.300,-  
    Echtgenoten € 2.200,- € 6.850,- €4.450,-

Bij kwijtschelding zijn vermogen, normbedrag en netto besteedbaar inkomen van belang

  • Vermogen zijn bijvoorbeeld uw spaargeld, eigen woning en/of een motorrijtuig.
  • Uw normbedrag stellen wij vast op basis van de Participatiewet of Algemene Ouderdomswet (AOW). Het normbedrag staat voor ‘de noodzakelijke kosten van bestaan’. Dit kunt u zien als de minimale kosten die een huishouden heeft om te kunnen leven. Het hangt af van uw woonsituatie welk bedrag het normbedrag is. Bij woonsituatie kijken wij naar of u alleenstaand, alleenstaand ouder, gehuwd of samenwonend bent. Ook kijken wij of er nog andere mensen op uw adres staan ingeschreven.
  • Om uw netto besteedbaar inkomen te bepalen, haalt GBLT een aantal uitgaven van uw netto maandinkomen af. Welke uitgaven dat zijn verschilt per situatie. GBLT kijkt naar:
    • Een gedeelte van huur en hypotheeklasten waar het normbedrag geen rekening mee houdt;
    • Een gedeelte van ziektekosten waar het normbedrag geen rekening mee houdt;
    • Betalingsregeling voor andere belastingen waar u geen kwijtschelding voor heeft;
    • Alimentatie die u krijgt of betaalt;
    • Uw eigen bijdrage aan levensonderhoud voor uw kinderen.

GBLT beoordeelt of u in uw situatie in aanmerking komt voor kwijtschelding

Wij kijken eerst naar uw vermogen. Daarna kijken wij naar uw betalingscapaciteit. Betalingscapaciteit is het bedrag dat per maand overblijft als al uw noodzakelijke kosten zijn betaald. Wij bepalen uw betalingscapaciteit door uw normbedrag af te trekken van uw netto besteedbaar inkomen. Dit bedrag doen wij keer twaalf om te bepalen wat uw betalingscapaciteit per jaar is. 80% van uw jaarlijkse betalingscapaciteit moet gebruikt worden om de belastingaanslag van te betalen. Blijkt uit onze berekeningen dat u uw belastingaanslag niet of deels kunt betalen? Dan krijgt u volledig of gedeeltelijke kwijtschelding.

De regels voor kwijtschelding voor waterschapsbelastingen en gemeente belastingen verschillen

Gemeenten hebben iets ruimere regels dan waterschappen als het gaat om kwijtschelding. Het is dus mogelijk dat wij:

  • Wel uw verzoek voor kwijtschelding voor gemeentelijke belastingen kunnen toewijzen.
  • Niet (helemaal) uw verzoek voor kwijtschelding voor waterschapsbelastingen kunnen toewijzen.

Bekijk via deze link ook het overzicht voor welke belastingen u kwijtschelding kunt aanvragen.