Normbedragen kwijtschelding

De overheid stelt in de wet normbedragen vast. Normbedragen zijn vaste bedragen voor bepaalde kosten. Bijvoorbeeld voor de huur en de kosten voor de ziektekostenverzekering. Deze bedragen gebruikt GBLT in de berekeningen voor kwijtschelding. Deze normbedragen veranderen twee keer per jaar. In januari en in juli.

Hoe gebruikt GBLT de normbedragen?

Wij kijken eerst naar uw vermogen en inkomen. Daarna kijken we welk bedrag u per maand overhoudt. Dat bedrag noemen we de maandelijkse betaalcapaciteit. We berekenen deze betaalcapaciteit als: netto inkomen - normbedragen.

Maandelijkse betaalcapaciteit x 12 = de jaarlijkse betaalcapaciteit. 80% hiervan moet u gebruiken voor de betaling van uw belastingaanslag.

Voorbeeld

Uw maandelijkse betaalcapaciteit is € 50,-
De jaarlijkse capaciteit is dan € 50,-  x 12= € 600,-
80% van € 600,- = € 480,- 
Van deze € 480,- moet u dus uw belastingaanslag betalen.

Blijkt uit onze berekeningen dat u uw belastingaanslag niet (helemaal) kunt betalen? Dan krijgt u kwijtschelding. Dat kan voor het hele bedrag zijn, of voor een deel. Wilt u weten welke normbedragen voor u gelden? Klik hieronder op de normbedragen die bij uw situatie passen.

Klik hieronder op het normbedrag waar u meer over wilt weten

  • In de tabel hieronder staat het maximum bedrag voor inkomen per 1 januari 2023. U berekent dit bedrag door alle netto inkomens in uw huishoudens bij elkaar op te tellen. Tel hier nog het vakantiegeld per maand bij op. De uitkomst is uw totale netto inkomen per maand.

    Woonsituatie Leeftijd Waterschappen Rijn en IJssel, Zuiderzeeland, Vallei en Veluwe en Vechtstromen Gemeenten bij GBLT en Drents Overijsselse Delta
    Echtgenoten beiden tussen 21 jaar en AOW-leeftijd € 1.708,00 € 1.708,08
    Echtgenoten 1 met AOW-leeftijd of ouder
    1 tussen 21 jaar en AOW-leeftijd
    € 1.812,20 € 1.934,44
    Echtgenoten Beiden zijn AOW-leeftijd of ouder € 1.817,20 € 1.939,44 

    Alleenstaand ouder

    tussen 21 jaar en AOW-leeftijd € 1.195,66 € 1.195,66

    Alleenstaand ouder

    AOW-leeftijd of ouder € 1.335,67 € 1.421,25 
    Alleenstaand tussen 21 jaar en AOW-leeftijd € 1.195,66 € 1.195,66
    Alleenstaand AOW-leeftijd of ouder € 1.335,67 € 1.421,25
  • Woont u met meer volwassenen in één huis? Dan geldt er een lagere kwijtscheldingsnorm. Want dan kunt u kosten delen met deze personen. Dit noemen wij kostendelers. Huisgenoten die niet meetellen voor de kostendelersnorm zijn:

    • jongeren tot 27 jaar;
    • iemand die een kamer van u huurt. Of die kostganger is bij u;
    • studenten met recht op studiefinanciering. Of op tegemoetkoming studiekosten;
    • studenten in een Beroeps Begeleidende Leerweg (BBL-studenten).

    Bij kostendelers geldt er een speciale norm voor kwijtschelding, de 'kostendelersnorm'. In de drie tabellen hieronder staan de kwijtscheldingsnormen van kostendelers. De kostendelersnormen veranderen twee keer per jaar. In januari en juli.

  • In deze tabel vindt u de kostendelersnorm per 1 januari 2023 waarbij alle personen in het huishouden nog niet de AOW-leeftijd hebben.

    Aantal personen in huishouden Alleenstaand tussen 21 jaar en AOW-leeftijd Samenwonend tussen 21 jaar en AOW-leeftijd
    2 € 854,04 € 1.708, 08
    3 € 740,17 € 1.480,34
    4 € 683,23 € 1.366,46
    5 € 649,07 € 1.298,14
  • Kostendelersnorm voor de gemeentes en Drents Overijsselse Delta per 1 januari 2023 vindt u hieronder.

    Aantal personen in huishouden Alleenstaand Samenwonend en partner jonger dan AOW Samenwonend en allebei AOW
    2 € 969,72 € 1.934,44 € 1.939,44
    3 € 841, 09 € 1.677,18 € 1.682,18
    4 € 776,78 € 1.548,55 € 1.553,55
    5 € 738,19  € 1.471,37  € 1.476,37
  • Hieronder vindt u de kostendelersnorm vanaf AOW 1 januari 2023 van de waterschappen exclusief Drents Overijsselse Delta

    Aantal personen in huishouden Alleenstaand Samenwonend en partner jonger dan AOW Samenwonend en allebei AOW
    2 € 908,60 € 1.812,20 € 1.817,20
    3 € 788,12 € 1.571,24 € 1.576,24
    4 € 727,88  € 1.450,76  € 1.455,76
    5 € 691,74 € 1.378,47 € 1.383,47 
  • Hieronder vindt u de huurnormen per 1 januari 2023

    Maximale huur is € 808,06

    Soort huishouden Normhuur Maximale netto huur Maximale huurtoeslag
    Alleenstaand jonger dan AOW € 225,54 € 582, 52 € 417,00
    Samenwonend jonger dan AOW € 225,54 € 582, 52 € 353,00
    Alleenstaand vanaf AOW € 223,72 € 584, 34 € 417,00
    Samenwonend vanaf AOW € 221,91 € 586,15 € 353,00
  • Normbedragen ziektekostenverzekering en zorgtoeslag per maand in 2023:

      Normpremie Maximale zorgtoeslag
    Alleenstaand of alleenstaand ouder € 3,00  € 154,00
    Samenwonend € 50,00 € 265,00

     

  • Kindgebonden budget per 1 januari 2023 voor:

    • 1 kind € 1.653,00 per jaar;
    • 2 kinderen € 3.185,00 per jaar;
    • 3 kinderen € 4.717,00 per jaar;
    • elk extra kind € 1.532,00 per jaar.
  • Toeslagen per 1 januari 2023 voor:

    • ieder kind van 12 t/m 15 jaar € 251,00 per jaar;
    • ieder kind van 16 t/m 17 jaar € 447,00 per jaar;
    • een ouder zonder toeslagpartner € 3.848,00 per jaar.
  • Maximale uurprijs kinderopvang per 1 januari 2023 van:

    • Dagopvang  € 8,97;
    • Buitenschoolse opvang € 7,72 ;
    • Gastouderopvang € 6,73.
  • Forfaitair bedrag € 14,90 per dag

    • HBO/UNI Boeken en leermiddelen € 67,00
    • MBO Boeken en leermiddelen € 60,00
    • MBO Onderwijsretributie € 103,25
    • Eenoudertoeslag € 277,13